03/08/2020
Willem Walraven (1887-1943)
De schrijver Willem Walraven is geboren op de Straatdijk 18 in Dirksland. Zijn geboortehuis is er niet meer, maar er is wel een gedenksteen geplaatst.
Hij had een wat moeizame verhouding met zijn ouders. Na allerlei mislukte baantjes in Rotterdam, en een ook mislukte emigratie naar Canada, tekende hij in 1915 een 2-jarig contract als telegrafist bij de verbindingstroepen van het Nederlands-Indische leger.
Hij was een overtuigd socialist (volgde cursussen marxisme, was lid van de SDAP).
Omdat de conservatieve mentaliteit hem tegenstond ontvluchtte hij Goeree-Overflakkee. Maar uit zijn brieven blijkt toch een haat-liefde verhouding met het eiland. Weerzin en vertedering gaan hand in hand. Hij levert onbarmhartige kritiek op de Dirkslandse cultuur, maar blijft tegelijkertijd zijn familie altijd vragen om dorpsnieuws.
Na verschillende betrekkingen te hebben vervuld (o.a. boekhouder, hotelhouder, orchideeënkweker) vond hij zijn bestemming: journalist bij de Indische Courant. Daar schreef hij vanaf 1925 over allerlei onderwerpen, recenseerde boeken, verzorgde feuilletons en reportages.
Hij schreef al zijn stukken met het karakter van een brief, hij verbond er ook altijd iets persoonlijks aan: bekentenisproza. Sommige kritische artikelen brachten hem in problemen, aangezien zijn denkbeelden niet strookten met de gangbare.
Hij weigerde op de redactie te werken, te lawaaiig naar zijn zin. Hij schreef al zijn artikelen thuis, in zijn eigen werkkamer.
Hij was een eenzaam man, moeilijk, dronk flink, was een huistiran die niet gemakkelijk was voor zijn vrouw ("Itih, met het kleine naampje en het groote hart") en kinderen. Die bleven altijd een vreemde voor hem. Zelf was hij groot, dik en wit, en hij werd omringd door zijn grote gezin (vrouw en 8 kinderen), waarvan niet alleen iedereen een heel ander postuur had, maar ook nog eens het ondoorgrondelijke oosterse karakter.
Hij wilde ook nooit Indisch eten, nee, hij wilde stevige Hollandse kost. Hij rookte zelf worsten en maakte erwtensoep met de ingrediënten die hij liet opsturen door familie. Pas in het Jappenkamp Kesilir (waar hij is overleden) at hij nasi.
Een Dirkslander in de tropen. Die getrouwd was met een Soendanese vrouw die alleen kon lezen, niet kon schrijven, wiens taal hij amper verstond. Die eenzaamheid komt naar voren in zijn brieven. Zijn brieven zijn vloeiend geschreven, spontaan en parlando. Met grote openhartigheid getuigt hij van zijn jeugd in Dirksland en schetst hij een onthullend beeld van de samenleving in Nederlands-Indië.
Hij schrijft in "Levenslijnen" in de Indische Courant over het Dirkslandse Sas: "Hoe vaak zijn mijn schipperende voorvaderen daar doorheen gevaren! Duizenden malen! De haven en het Sas zijn een deel van ons familiebestaan en wij weten er alles van. Wij kennen er de geschiedenis van, de gebreken en de hoedanigheden, en tal van vermaken zijn er mee samen geweven, die alleen wij nog kennen.
Hij was bevriend met Du Perron, van het literaire tijdschrift Forum. "Eddy" betekende heel veel voor hem, en diens dood in 1940 schokte hem zeer.
Pas in de jaren 60 verwierf Walraven door de uitgave van zijn werk in Nederland bekendheid. Uit zijn hele werk spreekt de tragiek van het leven tussen twee werelden, en het geïsoleerde gevoel dat daardoor ontstaan is bij hem.
Voor wie wat meer wil weten van deze van oorsprong Dirkslandse schrijver: Frank Otten schreef de biografie 'Dirksland tussen de doerians'.