Stichting Kunst en Cultuur Educatie Goeree-Overflakkee

Stichting Kunst en Cultuur Educatie Goeree-Overflakkee Het ontwikkelen en/of verzorgen en/of bevorderen van kunst- en cultuureducatie op Goeree-Overflakkee.

Op vrijdagochtend 28 oktober is er een lezing van Hans van der Wulp over impressionisme in de muziek:Parallel aan de ont...
21/10/2022

Op vrijdagochtend 28 oktober is er een lezing van Hans van der Wulp over impressionisme in de muziek:

Parallel aan de ontwikkelingen in de schilderkunst ontstaat in de tweede helft van de negentiende eeuw een beweging in de muziek die zich afzet tegen de heersende Romantiek. Belangrijkste kenmerken waren de beleving van het moment en de gewekte impressie. Deze omslag is sterk verbonden met de Franse componist Claude Debussy (1862-1918). Meer en meer probeerde hij in zijn muziek indrukken weer te geven van beelden, natuur of gebeurtenissen. Hij deed dat door bijzondere klankcombinaties en sfeertekening en zijn muziek klinkt daardoor vaak intiem en subtiel. Door de vele vernieuwende elementen wist hij zo de weg te banen voor de moderne kunstuitingen, net als in de schilderkunst. Belangrijke navolgers waren onder andere Fauré en Ravel, opvallend genoeg ook Franse componisten. In de lezing zal uitgebreid worden ingegaan op deze prachtige muziek met veel voorbeelden en uitleg. Ook worden uitstapjes gemaakt naar de muziek waardoor deze componisten zich lieten beïnvloeden zoals de vroege jazz en de Javaanse gamelan.

De lezing start om 10.00 uur
Locatie: Remonstrantse Kerk, Voorstraat 35 Sommelsdijk
Kosten: €10

De lezing is in samenwerking met de Bibliotheek Zuid-Hollandse Delta. U kunt zich opgeven via de Bibliotheek met deze link https://www.bibliotheekzuidhollandsedelta.nl/agenda-nw/activiteiten/cultuur/lezing-impressionisme-in-de-muziek.html

A.K. Vogelaar (1923-1998)Geboren en getogen op Goeree-Overflakkee schilderde Adrianus Kornelis Vogelaar veel op zijn eig...
29/07/2021

A.K. Vogelaar (1923-1998)

Geboren en getogen op Goeree-Overflakkee schilderde Adrianus Kornelis Vogelaar veel op zijn eigen eiland: landschappen, boerderijen en dorpsgezichten.

Het kunstzinnige had Adri niet van een vreemde: zijn vader K.C. Vogelaar was naast zijn beroep als huisschilder ook een verdienstelijk amateurschilder.
Adri ging in eerste instantie dezelfde richting op als zijn vader: hij bezocht na de lagere school in Middelharnis de ambachtsschool. Daar leerde hij het vak van huisschilder. Ook leerde hij er marmeren en reclametekenen.
Tijdens zijn opleiding schilderde hij zijn eerste stilleven en kreeg daarvoor als beloning een waterverfdoos. Die heeft hij altijd bewaard.

Vogelaar werd geïnspireerd door onderwijzer en natuurbeschermer Jac. P. Thijsse en de kunstschilders Voerman, Wenckebach en Rol.
De schoonheid van het landschap trok hem aan, maar pas in de zeventiger jaren waagde hij zich zelf aan de schilderkunst. Hoewel zijn werk er eenvoudig uit ziet, is aquarel een moeilijke techniek.
Vogelaar werd gevraagd om werk in te sturen voor een expositie en won daarna meerdere prijzen met zijn werk.
De belangstelling voor zijn werk groeide. Hij had oog voor de schoonheid van ‘het gewone’: voor “een leuk stikje” uit zijn woonomgeving.
Wat hij maakte was herkenbaar voor velen en gaf een tijdsbeeld van het eiland Goeree-Overflakkee. Daarom was (en is) zijn werk ook erg geliefd onder emigranten met Flakkeese roots in Canada en Australië.

Vogelaars afbeelding van het Sas van Dirksland was een belangrijke binnenkomer bij het pleidooi door dorpsbewoners voor restauratie van de schutsluis aan het einde van het Dirkslandse havenkanaal.

Een greep uit de onderwerpen van zijn aquarellen, waaruit blijkt dat hij inderdaad vooral op Goeree-Overflakkee zijn onderwerpen vond:
Duiker in kreek de Vliegers
Knorrenburg
Vissersdijk-Wilhelminabrug
Gezicht op Goedereede
Haven van Battenoord
Kwade Hoek
Schuren met kerktoren van Middelharnis
Gezicht op Nieuwe-Tonge
Oudelandsedijk Ooltgensplaat
Oostmoersedijk Stad aan ’t Haringvliet
Het Dirkslandse Sas

Vogelaar werkte voornamelijk in waterverf, al is er in 2017 een olieverfschilderij verkocht op de veiling van de Exoduskerk in Sommelsdijk.

Voor de uitgave ‘Dirksland, voor wie het zien wil’ vervaardigde hij in opdracht van de toenmalige gemeente Dirksland 25 pentekeningen van karakteristieke locaties en natuur in en rond Dirksland, Herkingen en Melissant.

Bescheiden als hij was, vroeg Vogelaar geen hoge prijzen voor zijn werk. Een ‘Vogelaar’ was bereikbaar voor iedereen. De omvang van zijn oeuvre is onbekend. Liefhebbers van zijn schilderkunst hebben meerdere werken in hun bezit, u ook?

Canon van OoltgensplaatHugo Kaagman (1955)Dit tegeltableau werd door Hugo Kaagman in 2011 in samenspraak met omwonenden ...
26/05/2021

Canon van Ooltgensplaat
Hugo Kaagman (1955)

Dit tegeltableau werd door Hugo Kaagman in 2011 in samenspraak met omwonenden gerealiseerd op de kademuur in Ooltgensplaat.
Het bevindt zich naast het oude weeghuisje.
Het kunstwerk (gemaakt m.b.v. airbrush en sjablonen op de kademuur) is 20 meter breed en 2 meter hoog.

Het Weeghuisje is omstreeks 1935 gebouwd voor het wegen van goederen en met goederen beladen wagens.
Het is niet meer in gebruik als zodanig, en de houten vlonder van de bij het huisje behorende weegbrug is vervangen door klinkerbestrating. Het huisje is in de traditionalistische stijl (verwant aan de Delftse School) gebouwd. Het is in 2019 nadat het gerestaureerd was weer heropend. De bascule (weegschaal) is bewaard gebleven en staat tegenwoordig op de kade naast het weeghuisje.

De Canon verbeeldt de rijke geschiedenis van Ooltgensplaat die teruggaat tot in de dertiende eeuw. Sindsdien is er van alles gebeurd. Door de strategische ligging van het dorp speelde het bij elk militair conflict een rol.
Wat kan je allemaal zien op deze Canon: heel veel, van het middeleeuwse (en verdronken) Berwoutsmoer, het bezoek van Napoleon aan het fort, tot aan de landbouw en de zaadhandel. Maar het vertelt ook over Ooltgen de Pieper (de eerste Platenaar), het raadhuis, de slag om Ooltgensplaat, Pieter Bigge (de grote weldoener), de bevrijding van het fort, de ontsluiting door tram en pont, het front van 1944-1945 en over hoe het dorp zich weerde tijdens de watersnood in 1953.

Het naast het weeghuisje gelegen transformatorhuisje is ook beschilderd in dezelfde stijl, met o.a. het portret van een BN-er die in Ooltgensplaat woont: Dave Von Raven van The Kik.

De kleur en stijl zijn duidelijk geinspireerd door Delfts blauw tegelwerk.
De tegel vormt een belangrijk onderdeel van het werk van Kaagman. De thematiek is door de eeuwen niet zoveel veranderd: soms wat belerend, vaak oubollig, verhalend en herkenbaar. Die uitgangspunten hanteert hij ook in al zijn werk, maar dan vertaald naar de tijd van nu. Een combinatie van westerse en oosterse motieven, Jugendstil en Art-Déco, Keltische tekens en Oud-Hollandse ambachtskunst (bijvoorbeeld uit Marken en Volendam).
De kleur blauw noemt hij zelf spottend Shocking Blue. Hij heeft afbeeldingen bestudeerd uit de Chinese Ming-dynastie, mozaïekvloeren in werkplaatsen in Marokko, tegels uit de Arabische wereld bekeken en zich natuurlijk ook verdiept in de historie van het Delfts blauw. Dat alles gebruikt en mixt hij sindsdien in zijn werk, maar dan wel met een hedendaagse twist.

Hugo Kaagman studeerde van 1973 tot 1976 Sociale Geografie aan de Universiteit van Amsterdam en is als kunstenaar autodidact. Aan het eind van de jaren zeventig maakte hij deel uit van een creatieve groep binnen de Amsterdamse punk- en kraakbeweging.
De kraakpanden in de Sarphatistraat, waar hij destijds woonde, werden door Hugo met een zebramotief beschilderd en stonden sindsdien bekend als de Zebrapanden. Op de muren van het Rijksmuseum maakte hij een graffiti versie van het Melkmeisje van Vermeer.
Op Schiphol staat er een door hem beschilderde wand op Terminal West, deze wand is 65 meter lang. Ook heeft hij een muurschildering voor het Nederlandse consulaat in Sint-Petersburg gemaakt, en beschilderde hij 19 vliegtuigstaarten voor British Airways. Toen er ter ere van de zestigste verjaardag van Nijntje door 45 kunstenaars een eigen versie van dit figuurtje gemaakt werd, maakte Kaagman een Shocking Blue versie.
Kaagman is een zeer produktief kunstenaar, als je zijn CV bekijkt staan er veel projecten op, heel veel buitenkunst, maar ook gezamenlijke projecten met andere kunstenaars, en zijn street-art en stencil-art is over de hele wereld te vinden. Tot op de dag van vandaag werkt hij door, nog steeds geïnspireerd door de actualiteit: in 2021 heeft hij nog een serie Corona Works gemaakt.

De drie kruiwagensMichel Snoep (1959-2016)Het kunstwerk op de bietenstortplaats (peekaai) aan de Westhavendijk in Dirksl...
06/04/2021

De drie kruiwagens
Michel Snoep (1959-2016)

Het kunstwerk op de bietenstortplaats (peekaai) aan de Westhavendijk in Dirksland is ontworpen door Michel Snoep en in 2013 op deze plek geplaatst.
Het kunstobject bestaat uit drie kruiwagens die elk in een andere positie staan. Op deze manier wordt de dynamiek van de landbouw gesymboliseerd en verbeelden ze het zware werk dat de kaaigasten moesten verrichten. In de kruiwagens zijn symbolen van suikerbieten verwerkt.

In vroeger tijden werden de bieten met de hand op een kar geladen, met de riek. Met paard en wagen bracht men de oogst naar de losplaats op de kade. Bij de weegbrug, op die losplaats, nam een agent van de suikerfabriek een monster om de kwaliteit te bepalen. En daar werden de bieten in een beurtschip gestort, waarna dat schip naar één van de suikerfabrieken voer. Die fabrieken stonden in Stampersgat, Roosendaal, Zevenbergen, Oud-Beijerland en Steenbergen.
De haven van Dirksland ligt er tegenwoordig ongebruikt bij, aan het eind van een havenkanaal van vijf kilometer lang. Maar in vroeger tijden was het een drukke haven, vooral in de oogsttijd.

Het kunstwerk is vervaardigd door constructiebedrijf de Roon (Dirksland) en is van cortenstaal gemaakt, een roestend materiaal. Als de roest eenmaal is gevormd beschermt dit tegen verdere erosie.

Michel Snoep was een veelzijdig kunstenaar. In zijn oeuvre stond weggaan en terugkomen centraal: "Mijn werk symboliseert de vlucht uit de werkelijkheid, de eeuwige twijfel over waar naartoe te gaan, over weggaan of blijven, weg kunnen of moeten. Ergens anders is het altijd beter, maar zodra je bij 'ergens anders' bent beland, gaat voor die plaats weer hetzelfde op. En uiteindelijk keer je terug naar waar je vandaan bent gekomen. Rusteloos"

Hij liet een omvangrijke collectie na: schilderijen, tekeningen, litho's, linoleumsneden, foto's en objecten.
Zijn werk was altijd helder en kleurig, ernstig en humoristisch.
Michel Snoep is in Schiedam geboren, maar woonde de laatste jaren van zijn leven op Goeree-Overflakkee.
Zijn opleiding genoot hij aan de Academie van Beeldende Kunsten in Rotterdam.
Hij was zowel beeldend kunstenaar als docent schilderen en idee/3dimensionale beeldontwikkeling aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag.

Kunstwerken van hem in de openbare ruimte staan o.a. in Schiedam en Vlaardingen. Het kunstwerk De drie kruiwagens is het laatste werk van Michel Snoep in de openbare ruimte.

Dit kunstwerk De drie kruiwagens werd in 2016 door vandalen beschadigd: het is zwart geblakerd en met graffiti bespoten. De gemeente zou de schade herstellen. Het bedrijf dat het beeld destijds gemaakt heeft zag geen probleem in het herstellen van het beeld. Volgens het bedrijf zou door het afstralen met grit de zwarte plekken en de graffiti verdwijnen. Het staal wordt dan wel weer kaal maar een paar weken in de buitenlucht zorgen er weer voor dat het weer roest, en er weer uit gaat zien zoals de kunstenaar het had bedoeld.

Het bestuur van de KCE wenst u een gezond en cultureel nieuwjaar. Om het nieuwe jaar goed te beginnen, hier weer een kun...
03/01/2021

Het bestuur van de KCE wenst u een gezond en cultureel nieuwjaar. Om het nieuwe jaar goed te beginnen, hier weer een kunstpost.

Jan van Os (1744- 1808)

Jan van Os werd in 1744 geboren in Middelharnis. Hij werd op jonge leeftijd wees en verhuisde naar een oom en tante in Den Bommel. Hier begon de ontwikkeling van zijn teken- en schildertalent. Na enige jaren buiten zijn geboortestreek te zijn ondergebracht, vestigde Jan zich in 1763 in Den Haag. Hier woonde en werkte hij tot zijn dood in 1808.

‘s Gravenhage was in die tijd ‘the place to be’. Hoewel eigenlijk een dorp, was het een stad met mondaine allure. Het was het bestuurscentrum van de Republiek. Diplomaten en gezanten uit diverse Europese landen verbleven een groot deel van het jaar in de stad.
Den Haag was sinds 1747 de residentie van stadhouder Willem IV en zijn hofhouding. De Oranjes stimuleerden sindsdien het culturele leven. Stadhouder Willem V en zijn vrouw Wilhelmina van Pruisen hadden veel belangstelling voor de schilderkunst. Ze gaven opdrachten aan kunstenaars en ze kochten veel schilderijen.

Jan van Os is beroemd geworden door zijn stillevens met bloemen en fruit, maar hij tekende en schilderde in zijn leven minstens zoveel rivierlandschappen en zeegezichten. De zeegezichten van Jan van Os zijn geïnspireerd door het werk van marineschilder Willem van de Velde de Jonge. De zeegezichten die Van Os maakte, ademen een vredige rust vergezeld door Hollandse wolkenluchten.

In de tweede helft van de achttiende eeuw was er een grote vraag naar stillevens met bloemen en fruit. Dit genre behoorde tot het topsegment van de kunstmarkt, er werden hoge prijzen voor betaald.

Van Os wordt vaak gezien als een volgeling van Jan van Huysum, maar hij kopieerde niet. Hij ontwikkelde een eigen stijl.
Omdat veel werken van Van Os niet gesigneerd zijn en maar enkele gedateerd, is het vrijwel onmogelijk om een ontwikkeling in zijn werk waar te nemen. Wel is te zien dat hij de mode van de tweede helft van de achttiende eeuw volgt: bloemen gecombineerd met fruit op een gebogen marmeren plint, een achtergrond met elementen uit de Klassieke Oudheid, pastelachtige kleuren.

Van Os voorzag zijn stillevens graag van kleine dieren: vliegen, hommels, bijen, verschillende soorten vlinders, libellen, mieren, slakken en rupsen zitten op en rond de bloemen en vruchten. Op een aantal schilderijen maakt een mus, een vink of een koolmees deel uit van het geheel. Opvallend is het veelvuldig gebruik van een vogelnestje met eieren.

Jan van Os genoot tijdens zijn leven internationale bekendheid. Twee zonen en een dochter erfden het teken- en schildertalent van hun vader. Pieter Gerardus, Maria Margaretha en Georgius Jacobus Johannes van Os kregen nationale en internationale bekendheid.

Naast schilder, was Jan van Os ook een niet onverdienstelijk dichter. Hij was lid van het Haagse dichtgenootschap Kunstliefde Spaart Geen Vlijt en gaf meerdere gedichtenbundels uit.

Koeienwachtertje.Bronzen beeld op een voetstuk van basaltblokken, gemaakt door Anton Beijsens (1922-2013).In 1998 gescho...
14/10/2020

Koeienwachtertje.

Bronzen beeld op een voetstuk van basaltblokken, gemaakt door Anton Beijsens (1922-2013).
In 1998 geschonken door de Rabobank Middelharnis aan het Streekmuseum Goeree-Overflakkee t.g.v. het 50-jarig jubileum van het museum.

Beijsens was eerst banketbakker (hij nam de bakkerij van zijn vader over in 1949) en leraar beroepsonderwijs: in Middelharnis werd hij leraar banketbakken; later werd hij leraar in Goes.
Zijn loopbaan als schilder begon toen hij vroeg gepensioneerd werd, eerst schilderde hij landschappen en stillevens. Hij ontdekte daarna de symboliek, en maakte in een rap tempo 45 schilderijen in deze stijl tussen 1973-1978. Allemaal variaties op het thema vrijheid.
Daarna stopte hij met schilderen en begon met beeldhouwen. Zijn beelden zijn, in tegenstelling tot zijn laatste symbolische schilderwerken, juist weer heel levensecht en realistisch.
Beelden van zijn hand zijn in Zeeland te vinden, o.a. in Goes en Borssele. Maar ook in Kalibanteng en Arnhem, daar vindt je het monument voor de jongenskampen Bangkong-Gedungjati.
Hij was altijd bezig met beelden vorm te geven, zelfs 's zomers op het strand maakte hij beelden uit nat zand. Die verdwenen dan uiteraard weer in de golven, maar volgens Beijsens was dat niet erg: het eindprodukt was van ondergeschikt belang. Uitdrukking geven aan zijn gevoelens als kunstenaar vond hij belangrijker.

Dit beeld van het koewachtertje staat op het Marktveld in Sommelsdijk, in de schaduw van de kerk.
Het is een eerbetoon aan al de landarbeiders en andere werknemers in de vroegere landbouw en veeteelt, waarvan velen op jonge leeftijd (ca. 9 jaar) begonnen als koeienwachtertje.
Die koeienwachters gingen op stap met zo'n 10 koeien. Het was een eenzaam beroep, en het verdiende niet echt veel, om niet te zeggen weinig. Maar alle inkomsten waren nodig, dus ook de jongsten in een gezin konden zo hun bijdrage leveren. De jongens hielpen bij het melken, gingen met de dieren op pad, en moesten zorgen dat die koeien dus niet zomaar ergens een akker opliepen en zich tegoed deden aan de gewassen. Met een stok hielden ze de dieren in het gareel. In weer en wind stonden ze bij de grazende koeien, in kleding die hen niet echt warm en droog hield.
Het beeld houdt de herinnering levend aan een tijd van sociale en maatschappelijke ongelijkheid, waarin veel kinderen de lagere school niet eens afmaakten en ook amper een echte jeugd hebben gekend.

Mel (Melgert) Dale (1925-2004)Geboren als de zoon van de zadelmaker in Stad aan 't Haringvliet werd Mel automatisch na d...
25/08/2020

Mel (Melgert) Dale (1925-2004)

Geboren als de zoon van de zadelmaker in Stad aan 't Haringvliet werd Mel automatisch na diverse opleidingen in leerbewerking ook zadelmaker. Doordat er steeds minder paarden gebruikt werden in de landbouw werd hij later meer schoenmaker. Dit beroep heeft hij tot aan zijn dood uitgeoefend.

Hij diende in Nederlands-Indië, ging daar in een vochtig ruim van een vrachtschip in februari 1947 naar toe. Hij bleef er 3 jaar. In die periode heeft hij veel ellende gezien, en als pacifist had hij het moeilijk, hij wilde liever geen geweer vasthouden, laat staan er mee schieten.

Begin jaren 70 ontdekte hij de beeldhouwkunst en ging zelf experimenteren met beeldjes maken. Op zoek naar materiaal begon hij met wat ijzerdraad, watten, lijm, hardmaker en nylon verbandgaas.
Uiteindelijk maakte hij zijn beelden van een PVC pasta vermengd met componentenlijm. Dat brengt hij aan op een stalen frame. Het liefst had hij bronzen afgietsels gemaakt maar aangezien dat een kostbaar procede is komt het daar pas van als de Mel Art Support in 1999 een actie start om dat te bekostigen. Er zijn toen 13 verschillende beelden in brons gegoten.
In latere jaren ging hij zich steeds meer toeleggen op het maken van beelden met zijn eigen basis materiaal: leer.

In 1987 nam Mel deel aan een wedstrijd tentoonstelling voor vrije-tijds kunstenaars. Hij won daar zowel de jury- als de publieksprijs.

Zijn beelden zitten vol leven en beweging en zijn stijl wordt wel eens vergeleken met die van Giacometti.

Mel verkocht zijn beeldjes niet, hij gaf ze weg aan de mensen waarvan hij vond dat ze er een verdienden. Veel dorpsgenoten van Mel hebben dan ook een beeldje van hem thuis staan.

Naast het maken van beeldjes was Mel ook verteller van levenswijsheden, hij schreef filosofische teksten, een beetje een voorloper van het tegenwoordige 'Loesje'. Die teksten zette hij dan in de etalage van zijn schoenmakerij.

Op 4 maart 2000 is er een door hem gemaakt beeld in brons gegoten en ter gelegenheid van zijn 75e verjaardag op de kruising Achterdijk-Nieuwstraat in Stad aan 't Haringvliet geplaatst.

Fotoclub de Rarekiek heeft nog ieder jaar een wedstrijd waarbij er 3 wisselbeelden van Mel worden uitgereikt.

Mel Dale leeft nog steeds voort in de harten van de mensen van Stad aan 't Haringvliet. Dat blijkt wel uit het feit dat er in 2016 een musical is opgevoerd, op de Kaai in Stad, over zijn leven. Door en voor Stadtenaren. Ook werd er die zomer een tentoonstelling van zijn werk in het Trefpunt gehouden, en konden mensen beeldjes maken in de geest van Mel. Die beeldjes werden weer gebruikt in de slot-scène van de musical, waar alle spelers opkwamen met een beeldje in hun hand.

Een bijzonder mens, met veel talenten, filosofisch en creatief. Een van zijn teksten is: De mooiste creatie is de illusie.

Willem Walraven (1887-1943)De schrijver Willem Walraven is geboren op de Straatdijk 18 in Dirksland. Zijn geboortehuis i...
03/08/2020

Willem Walraven (1887-1943)

De schrijver Willem Walraven is geboren op de Straatdijk 18 in Dirksland. Zijn geboortehuis is er niet meer, maar er is wel een gedenksteen geplaatst.

Hij had een wat moeizame verhouding met zijn ouders. Na allerlei mislukte baantjes in Rotterdam, en een ook mislukte emigratie naar Canada, tekende hij in 1915 een 2-jarig contract als telegrafist bij de verbindingstroepen van het Nederlands-Indische leger.
Hij was een overtuigd socialist (volgde cursussen marxisme, was lid van de SDAP).
Omdat de conservatieve mentaliteit hem tegenstond ontvluchtte hij Goeree-Overflakkee. Maar uit zijn brieven blijkt toch een haat-liefde verhouding met het eiland. Weerzin en vertedering gaan hand in hand. Hij levert onbarmhartige kritiek op de Dirkslandse cultuur, maar blijft tegelijkertijd zijn familie altijd vragen om dorpsnieuws.

Na verschillende betrekkingen te hebben vervuld (o.a. boekhouder, hotelhouder, orchideeënkweker) vond hij zijn bestemming: journalist bij de Indische Courant. Daar schreef hij vanaf 1925 over allerlei onderwerpen, recenseerde boeken, verzorgde feuilletons en reportages.
Hij schreef al zijn stukken met het karakter van een brief, hij verbond er ook altijd iets persoonlijks aan: bekentenisproza. Sommige kritische artikelen brachten hem in problemen, aangezien zijn denkbeelden niet strookten met de gangbare.
Hij weigerde op de redactie te werken, te lawaaiig naar zijn zin. Hij schreef al zijn artikelen thuis, in zijn eigen werkkamer.

Hij was een eenzaam man, moeilijk, dronk flink, was een huistiran die niet gemakkelijk was voor zijn vrouw ("Itih, met het kleine naampje en het groote hart") en kinderen. Die bleven altijd een vreemde voor hem. Zelf was hij groot, dik en wit, en hij werd omringd door zijn grote gezin (vrouw en 8 kinderen), waarvan niet alleen iedereen een heel ander postuur had, maar ook nog eens het ondoorgrondelijke oosterse karakter.
Hij wilde ook nooit Indisch eten, nee, hij wilde stevige Hollandse kost. Hij rookte zelf worsten en maakte erwtensoep met de ingrediënten die hij liet opsturen door familie. Pas in het Jappenkamp Kesilir (waar hij is overleden) at hij nasi.

Een Dirkslander in de tropen. Die getrouwd was met een Soendanese vrouw die alleen kon lezen, niet kon schrijven, wiens taal hij amper verstond. Die eenzaamheid komt naar voren in zijn brieven. Zijn brieven zijn vloeiend geschreven, spontaan en parlando. Met grote openhartigheid getuigt hij van zijn jeugd in Dirksland en schetst hij een onthullend beeld van de samenleving in Nederlands-Indië.

Hij schrijft in "Levenslijnen" in de Indische Courant over het Dirkslandse Sas: "Hoe vaak zijn mijn schipperende voorvaderen daar doorheen gevaren! Duizenden malen! De haven en het Sas zijn een deel van ons familiebestaan en wij weten er alles van. Wij kennen er de geschiedenis van, de gebreken en de hoedanigheden, en tal van vermaken zijn er mee samen geweven, die alleen wij nog kennen.

Hij was bevriend met Du Perron, van het literaire tijdschrift Forum. "Eddy" betekende heel veel voor hem, en diens dood in 1940 schokte hem zeer.

Pas in de jaren 60 verwierf Walraven door de uitgave van zijn werk in Nederland bekendheid. Uit zijn hele werk spreekt de tragiek van het leven tussen twee werelden, en het geïsoleerde gevoel dat daardoor ontstaan is bij hem.
Voor wie wat meer wil weten van deze van oorsprong Dirkslandse schrijver: Frank Otten schreef de biografie 'Dirksland tussen de doerians'.

Rien Poortvliet (1932-1995)In 1992 werd het Rien Poortvliet Museum in Middelharnis geopend, door Prins Bernard, een schi...
16/07/2020

Rien Poortvliet (1932-1995)

In 1992 werd het Rien Poortvliet Museum in Middelharnis geopend, door Prins Bernard, een schildersvriend van Poortvliet. Dat museum werd drukbezocht: op jaarbasis kwamen er zo'n 40.000 bezoekers.
Tegenwoordig is het Rien Poortvliet Museum gevestigd op het eiland Tiengemeten.

Maar waarom destijds een museum in Middelharnis? Rien Poortvliet komt zelf uit Schiedam, maar zijn familie komt van Goeree-Overflakkee. In zijn boek "Langs het tuinpad van mijn vaderen" vertelt hij over drie eeuwen familiegeschiedenis.

Als stucadoorszoon leek hij niet voorbestemd voor een kunstenaarsbestaan: hij kwam uit een streng gereformeerd gezin waarin een kunstenaarsleven gelijk stond aan ontucht, drank en armoede. Maar het tekenen bleef hem toch trekken. Na de MULO ging hij werken bij een reclamebureau waar hij zijn talent dus enigszins kon etaleren.
Tijdens zijn diensttijd bij de Koninklijke Marine maakte hij tekeningen voor het tijdschrift 'Alle Hens'. Naast zijn reclamewerk illustreerde hij vanaf de jaren vijftig voor diverse uitgeverijen allerlei boeken (o.a. van Godfried Bomans). Ook geeft hij al boeken uit met natuurillustraties.
Maar pas door de vriendschap met Arnold Foeke van der Wal komt er schot in de zaak. Deze herkent het talent, maar ziet ook nog de tekortkomingen. Hij nodigt hem uit in zijn jachthut; daaruit vloeit een jarenlange vriendschap voort, èn Poortviet wordt een hartstochtelijk jager. Hij illustreert veel voor 'De Nederlandse Jager'.
In 1968 vestigt Poortvliet zich als zelfstandig illustrator en verhuist naar Soestduinen, waar hij werkt vanuit zijn atelier.

Zijn eerste boek 'Jachttekeningen' uit 1972 wordt een groot succes. Vele boeken volgen, een paar bekende titels: 'De vossen hebben holen', 'Te hooi en te gras', 'Brieschend paard', 'Hij was een van ons' (samen met Ds. Hans Bouma), 'Braaf' en 'Van de hak op de tak'. Groot succes had hij ook met de reeks kabouterboeken die hij samen met Wil Huygen maakte: 'Leven en werken van de kabouter', 'De oproep der kabouters' en 'De wereld van de kabouter'. Hierdoor kreeg hij internationale bekendheid.

Als kunstenaar was Poortvliet niet geheel onomstreden; op kunstacademisch niveau spreekt men van "verderfelijk Poortvlietisme".
Maar Poortvliet had zelf niets met de kunstkringen. Bij de opening van zijn museum destijds sprak hij de woorden: "Gelukkig ver weg van de moderne kunstbende in Amsterdam".
Hij zag zichzelf eerder als ambachtsman dan als kunstenaar, een "tekenend verteller". Hij tekende en schilderde naar de natuur, maar niet fotorealistisch. Zijn schilderijen, tekeningen en aquarellen liet hij het woord doen, met af en toe ter uitleg een kort bijschrift.

Eliza (Lies) RazenbergDe flakkeese schilder Razenberg (1889-1968) is grotendeels een auto-didact. Hij volgde geen opleid...
29/06/2020

Eliza (Lies) Razenberg

De flakkeese schilder Razenberg (1889-1968) is grotendeels een auto-didact. Hij volgde geen opleiding op kunstgebied, maar begon al jong met werken. Als koeiewachtertje, landarbeider, politieagent, werker aan de spoorlijn en rijtuigschilder.
Belangrijke invloed had Pieter J. Palingdood uit Sommelsdijk, die ook als rijtuigschilder bij de RTM werkte, en wiens vrouw uit een Dirkslandse schildersfamilie kwam: Grevenstuk. Door veel met zijn collega over het werk van diens schoonfamilie te praten kwam Razenberg veel te weten over de techniek van het schildersambacht.

Razenberg schilderde heel veel naar voorbeeld: ansichtkaarten, andere schilderijen, foto's. Hij schilderde ook diverse onderwerpen, vissersschepen op zee, een zeilende tjalk, schepen in de Rotterdamse haven, landschappen, dorpsgezichten, winter of zomer, het laantje van Meneerse (Meindert Hobbema), bijbelse voorstellingen, oude mensen die in een bijbel lezen, biddende kindertjes, etc.
Soms niet echt virtuoos, maar wel altijd "recht uit het hart geschilderd" (volgens een kunstkenner).

Op Goeree-Overflakkee zit er geen winkel voor schilders-benodigdheden, dus in zijn jonge jaren moet Razenberg veel zelf doen: linnen opspannen, en de ondergrond prepareren. Na 1909, als de tram op het eiland gaat rijden, wordt het iets makkelijker om aan materialen te komen; hij bestelt dan bij Carlier in Rotterdam verf en penselen, maar ook geprepareerd linnen.
Dat hij zelf de kennis heeft van het goed voorbereiden van schilderijen kan je nu nog zien als een werk van hem wordt gerestaureerd, dat heeft maar weinig nodig om er weer goed uit te zien.

Wat zien we op dit schilderij (uit particulier bezit) van Lies Razenberg?
Het Zandpad in Middelharnis. Het logement is tegenwoordig de winkel 2B van de firma Buijsse. Links daarvan het pand van juwelier Keuvelaar.
Aan de overkant van de weg staat tegenwoordig het Diekhuus, de oude lagere school, maar dit is allemaal niet goed te zien op dit schilderij. Je ziet nog net een puntje van het dak, dus dit is niet helemaal volgens het goeie perspectief geschilderd. De schuur die hier het zicht ontneemt op de school bestaat nu niet meer.
Het schilderij laat de situatie zien van rond 1900 en is geschilderd in 1935.

Het Kofjekokertje.Op 26 juni 1971 is dit beeld onthuld door de toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat drs. J.A. B...
24/06/2020

Het Kofjekokertje.

Op 26 juni 1971 is dit beeld onthuld door de toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat drs. J.A. Bakker.
Het organisatie comité had veel oud vissers en zo'n zestig oud-kofjekokertjes (het jongste lid van de bemanning, die o.a. voor de koffie zorgde) uitgenodigd die bij hotel Jacobi ontvangen werden en later op de dag een lunch aangeboden kregen in de Technische School.

De minister onthulde het beeld samen met twee oud-kofjekokers Jaap Bogerman en Hein Groen. Ze hesen het fokkezeil dat het kofjekokertje aan het zicht onttrok. Tegelijkertijd speelde Sempre Crescendo aan de overkant van de haven het liedje "Ferme jongens, stoere knapen".

Het kofjekokertje is gemaakt door de beeldhouwer Pieter de Monchy en in brons gegoten bij de Bronsgieterij in Haarlem.
Pieter de Monchy is pas laat begonnen met kunst; hij volgde eerst een commerciele opleiding. Via het schilderen stapte hij uiteindelijk op zijn 35e jaar over naar beeldhouwen. Hij maakte o.a. borstbeelden van leden van het Koninklijk Huis. Zijn portretten hebben zoveel karakter dat het geen bevroren beelden meer zijn, maar levendige bronzen koppen.

Wie heeft de opdracht gegeven tot het maken van dit beeld aan het Vingerling? Het idee kwam van dhr. C. van der Put uit Sommelsdijk wiens vader ook op de vissersloepen had gevaren.
Er werd al snel een comité gevormd en een gironummer geopend. Iedere week werd er in Eilanden Nieuws een update geplaatst met de bedragen die de gulle gevers gedoneerd hadden.
Hoe het beeld eruit moest gaan zien, daar had het comité ook een duidelijke mening over: een levensecht beeld van een 10-jarig jongetje dat aan boord komt in een mannenmaatschappij waarin hij zich tijdens de lange en vaak ruwe reizen moest zien te handhaven.
Wat deed een kofjekokertje aan boord? Zorgen dat er koffie is, helpen met allerlei klusjes, schoonmaken en helpen bij het uitzetten van de beug. Een kofjekokertje werd bijgestaan door een ouder, meer ervaren bemanningslid, een zogenaamde zeevader. Vandaar dat een kofjekokertje ook wel zeuntje werd genoemd.

Adres

Voorstraat 35
Sommelsdijk
3245

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Stichting Kunst en Cultuur Educatie Goeree-Overflakkee nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact De Organisatie

Stuur een bericht naar Stichting Kunst en Cultuur Educatie Goeree-Overflakkee:

Delen