Die Blumengarten Bibliothek

Die Blumengarten Bibliothek Mijn bibliotheek, permanent in wording. Wie vanaf zijn kindertijd bezig is geweest met boeken, zal zijn leven beëindigen in zijn kindertijd.

Ik kan het niet laten oude boeken in te schatten, hun geur op te snuiven en mijn vingertoppen over de omslag en de dikwijls beduimelde bladzijden te laten glijden. Ik zoek meestal in tweedehandswinkels en op rommelmarkten, de prijzen van antiquariaten zijn aan mij niet besteed. Heel af en toe doe ik ook wel eens een vondst. Wie is er dan gelukkiger dan ik? Kijk mee over de schouder van een verlore

n man, die graag een aanvulling krijgt op zijn schrijverij, maar die ook geen oeverloze discussies wil voeren. Deze bladzijde is een toog, waaraan de klanten geen bier drinken maar boeken lezen, citeren, en af en toe een beetje literatuur creëren. WELKOM aan iedereen die hier zat wil worden aan boeken. De geur van de bloementuin is veel beter dan die van verschaald bier.

Ik heb altijd gemengde gevoelens gehad over Hubert Lampo. Alleen Joachim Stiller heeft mijn volle aandacht gekregen, in ...
15/10/2022

Ik heb altijd gemengde gevoelens gehad over Hubert Lampo. Alleen Joachim Stiller heeft mijn volle aandacht gekregen, in mijn collegetijd, of vlak er na. Ik was te realistisch om het magisch realisme te kunnen smaken. Misschien lag de magie van Johan en de Alverman nog te vers in mijn geheugen (grapje), maar nee, ander werk van hem kon ik gewoon niet aan. Dat zijn archief in het Letterenhuis rust, is voor mij toch nog altijd een pluspunt. Maar zijn boeken lezen, nee, daar ga ik me niet meer aan wagen. https://letterenhuis.be/nl/pagina/archief-van-hubert-lampo-ontsloten?fbclid=IwAR23HX1AHgpKn9FiKnhZ7dDTlfLldVq1WWXg8ejIu75q3uHWcD1qqEfeB9A

De inventarisering van het omvangrijke archief van de Vlaamse schrijver Hubert Lampo (1920-2006) is compleet. Het gaat om 127 archiefdozen, samen goed voor veertien strekkende meter.

https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20131026_00810815
08/10/2022

https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20131026_00810815

Herman Brusselmans heeft gisteren op uitnodiging van het gemeentebestuur in zijn geboortedorp Hamme een poëzieplaat onthuld aan de ingang van de Hamse centrumbegraafplaats. Zijn gedicht, uitgevoerd op een metalen zuil door de plaatselijke kunstenaar Maurice De Clercq, is opgedragen aan zijn overled...

27/09/2022

Facebook maakt het me verdomde moeilijk. Vroeger had ik nog de mogelijkheid "notities" te maken. Dat waren gewone tekstbladzijden, met weliswaar een vervelende bladspiegelverdeling, maar je had tenminste de mogelijkheid langere artikels te schrijven en te publiceren. Weg!

Dus moet het maar zo. Ik heb, snuisterend en herklasserend op mijn zolder twee werken van JMH Berckmans teruggevonden, en ben dus aan het herlezen geslagen.

"Rock & Roll met Frieda Vindevogel", en "Vergeet niet wat de zevenslaper zei". In mijn dossiertje JMHB steekt tot mijn grote verbazing alleen nog maar de "Boodschap in een fles", en dus is de Barakstad ergens verweesd achtergebleven, tezamen met nog een paar andere werken, die ik al van zeer lang geleden bezat. Ik sta voor een groot raadsel. Uitgeleend? Dat is gewoon niet mijn gewoonte.

Ik hou van de soms wezenloze eenvoud van zijn geschriften. Ze zijn zoooo dagboek, en toch zo raak. Als spoorwegbediende zag ik hoe de erg autoritaire beslissingsvorming van achter één stoel evolueerde naar de zeer energievergende vergadertechniek. Er werd vergaderd dat het een aardje had. Sommige chefs behielden gewoon hun autoritaire houding, en legden de vergadering hun beslissing op, zodat iedereen welgeïnformeerd "ja chef" kon zeggen. Anderen wilden een democratische besluitsvorming. Het stomste wat je kunt doen, als je de leiding hebt, en bepaalde doelstellingen moet bereiken, is iedereen zijn mening vragen, en daar ook nog mee rekening houden. Ik ben meer voor de variant, die ruimte laat om besluiten die getroffen moeten worden, nog even te evalueren, en de kans te geven voor en tegen af te wegen. Het besluit kan dan aangevuld worden met eventuele gouden tips bedenkingen en aanvullingen. Maar de te volgen weg moet behouden blijven. Maar moet er dan oeverloos vergaderd worden, en de tijd van de werkpaarden verspild in vergaderzalen? Deel je besluiten mee aan je personeel en aan de betrokken partijen, en geef hen de kans om schriftelijk binnen een bepaalde termijn andere inzichten mee te delen. Dan kun je de vruchtbaarste bijdragen eventueel meenemen, en de besluitvorming aanpassen, om tot een eindconclusie te komen. Gesprekken kunnen dan de zaak beslechten.

Theorie, natuurlijk. De werkelijkheid zal wel ingewikkelder zijn dan dat.

Een eenvoudige, maar opmerkzame ziel als JMHB zag het ook zo niet zitten. Hij formuleerde het kort en krachtig. Hij laat zijn literaire ik met het idee rondlopen om een auditie voor de Soundmix Show te ambiëren. En dan formuleert hij zijn gedacht over de mensen die bij VTM aan de stuurknuppel zitten op de volgende wijze:

"Vanuit De Stoop voor de zoveelste keer naar VTM gebeld.

Suzy zei dat Mike Verdrengh weer niet aanwezig was en dat Guido de Praetere weer in vergadering was. Suzy is de telefoniste. Mike Verdrengh en Guido de Praetere zijn de programmadirecteurs. Die zorgen ervoor dat je op de televisie komt. Ik vraag me af wat die lui de godganselijke dag uitspoken. Mike Verdrengh is er nooit en Guido de Praetere is altijd in vergadering. Waar gaat die Mike Verdrengh dan heen en waarover vergadert die Guido de Praetere voortdurend?"

Dat zou ik wel eens willen weten. Dat zou een interessant onderwerp zijn voor Dag Allemaal. Misschien eens een briefje schrijven."

Naïef, natuurlijk, maar het is wel het gevoel waarmee zoveel mensen rondlopen, als ze van buiten uit over het bedrijfsleven nadenken, filosoferen. Wie aanstoot neemt aan mijn inleiding: het is gewoon een val die ik opgesteld heb. Ik praatte met de wind mee. En in het bedrijfsleven moet je alles behalve met de wind mee.

JMH Berckmans, hij was toch ne keirel, hé?

Hoe dikwijls heb ik de opmerking gehoord: "Hmm hmm, het is middag, mijnheer ..." Een verstrooid antwoord volgde dan: "Sm...
10/07/2022

Hoe dikwijls heb ik de opmerking gehoord: "Hmm hmm, het is middag, mijnheer ..." Een verstrooid antwoord volgde dan: "Smakelijk!"

Beaucárnea, Oudenaarde, en nog veel meer, ook over boeken.Van de hak op de tak springen is nu eenmaal iets dat gebeurt, ...
02/07/2022

Beaucárnea, Oudenaarde, en nog veel meer, ook over boeken.

Van de hak op de tak springen is nu eenmaal iets dat gebeurt, als je een boek in de hand neemt, waarin plots iets onverwacht opduikt. Dan grijp je naar een ander boek, en weer naar een ander, om ergens met een stapeltje te eindigen, dat op het eerste zicht niets gemeenschappelijk heeft.

Men kan zich hard vergissen in dat laatste idee. Zo is me vandaag weer overkomen. Hoewel het zoekwerk nog lang niet beëindigd is, wil ik toch het begin van de zoektocht beschrijven.

Behalve boeken wekken ook planten mijn blijvende nieuwsgierigheid op. Ooit is er een droom geweest om een heus plantkundige te worden, maar after all is het leven onvoorspelbaar, en werd ik . . . boekhouder. Maar het kleine kind in mij bleef twee passies koesteren: planten, en boeken. Die dingen gaan zonder moeite samen: planten verfrissen mijn vermoeide hoofd: een wandeling door tuin, bos en veld zorgen nog altijd voor een heerlijke zuurstofkuur, als de boeken te veel energie van me opgeslorpt hebben.

Ik wil het even hebben over een enkele plant, die in de winter in mijn veranda overleeft, terwijl ze in de zomerperiode lekker buiten staat, en heerlijk groeit. Ze komt gewoon als aanbieding uit een grootwarenhuis. Toen ik ze zag staan, was ik meteen verkocht, en de plant ook: voor een luttele (waarschijnlijk) 25 euro mocht ik ze meenemen. Een tijdlang is ze mode geweest, maar je ziet ze nog maar zelden. Ze heet Beaucárnea, en verrassend genoeg is haar bekendheid te danken aan een Oudenaardse plantenverzamelaar, notaris Beaucarne, uit Ename, nu een deelgemeente van mijn stad. (wordt vervolgd)

27/06/2022

Richard II, of hoe de Engelsen nog beter dan de Hollanders er in slagen iemands naam te verbarrackeren, en er een ander gedrocht voor in de plaats te stellen.
De man was nog een kind, toen hij rond 1450 ergens in London geboren werd. Van zijn vader kreeg hij (waarschijnlijk) de naam Roelants(z) mee, maar begon de ellende: geen kat (spreek uit: ket) kreeg dat uit de bek, zodoende vonden zij Rowlands een tikkeltje gemakkelijker. Hij wist niet beter, sprak in eerste instantie maar een handvol Nederduytse woorden. Hij werd een slim manneke, en mocht in Oxford gaan studeren, maar omwille van de strenge godsdienstwetten gaf hij er in 1570 de brui aan. Maar zijn intellectuele vorming had al wel een richting gekregen.
Hij was niet bang van een beetje conrtoverse, want hij kreeg grote bewondering voor de Jezuïet Edmund Campion. Deze man, zelfs geëerd door Koningin Elisabeth I (de Grote) bestond het zich te bekeren tot het Kristendom, en dat vond Elisabeth maar niets: ze was de motor achter de zeer strenge godsdienstwetten. Toen hij in 1571 het protestantisme verliet en inruilde voor de RK-kerk, trok hij naar Douai om daar toe te treden tot het college van de Engelse Jezuïeten om zo als SJ door het leven te gaan. Hij keerde terug naar Engeland met de jezuïetenzending van 1580. Hij publiceerde in 1581 op de privépersen van Stonor het boek "Rationes decem: quibus fretus, certamen adversariis obtulit in causa fidei." Hij werd prompt opgepakt, en tesamen met een groep andere priesters in 1581 terechtgesteld. Dat boek werd veelvuldig herdrukt, in het Frans bijvoorbeeld onder de titel: "Dix raisons ou fondements principaux de l'église catholique du R.P. Emond Campian".
Rowlands pikte die terechtstellling niet, en werkte mee aan een pamflet waar Campion als martelaar in voorgesteld werd. Dat werd ook niet goed ontvangen, en hij vluchtte naar het vasteland, terwijl hijzelf zijn naam opnieuw veranderde: Verstegen. En zoals verwacht: dat konden de Engelsen niet aanvaarden als naam, en hij werd Richard Verstegan. Naar de mode van de tijd publiceerde hij vanaf dan onder zijn Latijnse nom de plume: Versteganus. Zijn rondzwerving door Europa eindigde te Antwerpen: het wereldcentrum van de boekdrukkunst, dat weet iedere Vlaming.

(wordt vervolgd)

27/06/2022

Richard I
Als je grootvader het land ontvlucht is, en je dus je naam op drie of vier verschillende wijzen geschreven weet, als je zowel de Engelse taal, Londen was zijn geboortestad, als de Nederduytse taal, maar dus ook het Hollands en het Brabants doorheen je eigen taal mengt, en ook het Frans, Latijn en Grieks machtig zijt, dan is het een koud kunstje in je dichtwerk de lezer hier en daar een meestal speels bedoelde oorvijg uitdeelt. Richard Verstegen, de dichter in kwestie, had een grootvader, afkomstig uit Gelderland, die op de vlucht sloeg omdat Graaf Karel van Gelre en Philips de Schone het met elkaar aan de stok kregen. (vervolgt)

In zijn studententijd pleegde herman de coninck (zijn naam zonder hoofdletters, zijn poëzie werd soms wel/soms niet met ...
15/06/2022

In zijn studententijd pleegde herman de coninck (zijn naam zonder hoofdletters, zijn poëzie werd soms wel/soms niet met hoofdletters gepubliceerd) op 19-jarige leeftijd regelmatig een paar gedichten in het faculteitsblad Germania 1963-1964 (KUL). Het onderstaande kortdicht is tekenend voor de studentikoze omgeving, het heeft weinig gewicht, en nog minder woorden. Maar het is wel een opvallend iets, iets dat toch blijft plakken, gewicht of woorden doen er niet toe. Het is trouwens iets wat uiterst zelden voorkomt: een gedicht met voetnoten. Bron: facebookvriend Akim A. J. Willems, medebibliofiel, -sneuper en literair weetjesjager.

Meer dan vijftig jaar geleden ben ik op een lentedag, een woensdagnamiddag, met een leraar Nederlands naar de Provincial...
25/04/2022

Meer dan vijftig jaar geleden ben ik op een lentedag, een woensdagnamiddag, met een leraar Nederlands naar de Provinciale Bibliotheek, toen gevestigd in het Begijnhof te Hasselt, getrokken, omdat ik aan hem een vraag gesteld had.
Omdat ik in een onvoorbereid gesprek verteld had dat ik veel las, vroeg hij me wat er dan zoal door mijn handen kwam. In die tijd kwam ik nog niet veel verder dan de verhalen van Arendsoog, en het werk van Carl May was me ook niet vreemd. De leraar haakte in op Carl May: een kanjer, noemde hij hem.
Maar ik wist niets van de man, en nog veel minder van het feit dat hij Amerika en dus al die dappere indianen nooit van dichtbij gezien had. Feitelijk kon het me ook totaal niet schelen dat hij al die boeken in een andere taal dan het Nederlands had geschreven. Ik wist niets van de auteur, en onze zoektocht in de bibliotheek was eerder gericht op het omkaderen van een stuk in mijn kinderlijk inzicht totaal misvormd stuk Amerikaanse geschiedenis. Het is een wonderlijke namiddag geweest, met een voor mij volkomen overweldigend nieuw inzicht in de literaire wereld waarin deze verhalen zich afspeelden, en de vergelijking met wat er in de realiteit gebeurd was.
In de loop van die ontdekkingstocht kwam in mij ook die andere vraag op, die niet eens voor de hand liggend was, omdat het mechanisme van de uitgeverij en van de boekhandel voor mij een vanzelfsprekendheid was, iets dat door hogere machten geregeld werd, en dat in zijn kant en klare vorm aan mij gepresenteerd werd als zijnde een boek, en wel eentje geschreven in mijn eigen taal. Toen ik vernam dat die meneer May dus een schrijver was die in een vreemde taal schreef, viel er wel een frank, maar het drong toch niet helemaal tot me door: wie had dan wel al die moeite gedaan om al die boeken van Carl May in het Nederlands te vertalen? Erger nog, er waren nog veel andere schrijvers (het woord auteur lag niet niet erg vast op mijn tong) die dus ook hun werk hadden moeten laten vertalen, want "De laatste der Mohicanen" was toch ook geschreven door een schrijver met zo een rare naam, en dus in een andere taal?
Ja, dat was zo, wist de leraar. Maar hun naam stond dikwijls wel bij de gegevens over de auteur en de uitgeverij en nog zo wat andere dingen, die het vermelden waard waren. Hij ging er niet verder op in, want de vertaling deed niets af aan het feit dat de auteur straffe verhalen kon schrijven.
Ze hebben nog tot lang daarna voor mij zeer weinig belang gehad. En nooit twijfelde ik aan hun kennis en kunde: anders zouden ze het toch nooit hebben kunnen doen, ja zelfs nooit mogen doen?!
Deze petitie finaliseert een oud vraagstuk, dat ik nooit tot een bevredigende afloop heb weten evolueren. Eigenlijk, laat me eerlijk zijn, vond ik dat ook helemaal niet relevant. Ik was dertien of veertien jaar, en dagelijks botste ik tegen honderd nieuwe problemen aan. Dat probleem hebben we toen blauwblauw gelaten. Miet Ooms heeft het dus maar eens netjes op een rijtje gezet voor mij, zodat ik, meer dan vijftig jaar na datum, nog een stukje puberale problematiek via deze petitie uit de wereld kan helpen.

Vertalers op het omslag een open brief aan uitgevers Vertalers zijn de boodschappers van de wereldliteratuur. Dankzij vertalers, die in de huid van de schrijver kruipen en het boek in het Nederlands herscheppen, kunnen we boeken lezen uit alle windstreken. De waardering voor dit belangrijke werk sch...

21/03/2022

Als je zestien jaar bent, leerplichtig en verliefd, word je zo door een dichteres in woorden gevangen. Vereeuwigd, en eeuwig van blijvende schoonheid voorzien. Maar je weet het misschien niet. Aan het naamloze meisje, en aan haar naamloos liefje, die hier een ongeweten hoofdrol toebedacht kregen:
We waren zestien jaar en spelden traag Aeneas' avonturen
Jo Govaerts

We waren zestien jaar en spelden traag Aeneas' avonturen.
Over hoe winden plots opstaken,
en schepen uit hun koers raakten,
over velden aan de overkant van een rivier
waar men een levend mens maar zelden toelaat,
over verlaten vrouwen, oorlogen en tweegevechten.

We waren zestien jaar en door de vensters
van het hoge klaslokaal scheen de zon.
En om vier uur stond aan de schoolpoort
de jongen die het gedurfd had je te kussen.
En alles over winden die plots opstaken,
schepen die uit hun koers raakten
werd in een boekentas gestoken weggeschoven
om de armen vrij te hebben
en lichthartig om hem heen te slaan.
We zouden elkaar nooit verlaten,
we hadden geen oorlog om naar toe te gaan.

Apenjaren, Uitg Van Halewyck, 1998

Adres

Bloemenhof 12
Oudenaarde
9700

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Die Blumengarten Bibliothek nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact De Organisatie

Stuur een bericht naar Die Blumengarten Bibliothek:

Delen

Ons Verhaal

Wie vanaf zijn kindertijd bezig is geweest met boeken, zal zijn leven beëindigen in zijn kindertijd. Ik kan het niet laten oude boeken in te schatten, hun geur op te snuiven en mijn vingertoppen over de omslag en de dikwijls beduimelde bladzijden te laten glijden. Ik zoek meestal in tweedehandswinkels en op rommelmarkten, de prijzen van antiquariaten zijn aan mij niet besteed. Heel af en toe doe ik ook wel eens een vondst. Wie is er dan gelukkiger dan ik? Kijk mee over de schouder van een verloren man, die graag een aanvulling krijgt op zijn schrijverij, maar die ook geen oeverloze discussies wil voeren. Deze bladzijde is een toog, waaraan de klanten geen bier drinken maar boeken lezen, citeren, en af en toe een beetje literatuur creëren. Ook poëzie, literatuurwetenschap, kunst, wetenschap, volkskunde, heemkunde, lokale geschiedenis, taalkunde, muziek en alles wat in de bibliotheek kan teruggevonden worden wekken mijn aandacht, en worden graag geschonken en uitgewisseld.

WELKOM aan iedereen die hier zat wil worden aan boeken. De geur van de bloementuin is veel beter dan die van verschaald bier.